Voel jij je nooit eenzaam?

Vervolg op Kom je een keertje langs?

“Voel jij je nooit eenzaam?” Hij vraagt het op een manier die zijn bijbedoeling verraad en ik overweeg hoe ik hier op kan reageren, niet te gretig want dan zit ik er aan vast. Maar ook niet te ontwijkend want dan denkt hij misschien geen kans te hebben en niet verder gaan met veroveren. En een van de heerlijkste dingen is om veroverd te worden.
“Eenzaam niet.” Ik spreek het zo serieus mogelijk uit en probeer er net zo bij te kijken.
Nee, ik voel me nooit eenzaam.
“Maar wel dat holle gevoel, leeg.”
“Dat ken ik,” het is of er een twinkeling in zijn ogen verschijnt maar misschien verbeeld ik het me.
Het liefst kruip ik zo in zijn armen, maar dat is zo verschrikkelijk ongepast!
46 jaar waren ze getrouwd, 46 jaar lief en leed gedeeld, kinderen gekregen. Dat moet toch veel zwaarder zijn dan de korte tijd die ik met Vroems gehad heb. Ik noemde het van mij al eens een gevoel van amputatie, een belangrijk deel van mij is weg en dat groeit niet meer aan. Maar hoe moet dat zijn als je 46 jaar getrouwd bent. Volgens mij moet je dan opnieuw leren leven.
Nee, ik zal hem nooit kwetsen met mijn verlangens.
“Zou jij niet eens met iemand naar bed willen?”
Over zijn vraag moet ik nadenken. Vraagt hij mij indirect of ik met hem naar bed wil?
Zou ik dat willen? Na die eerste ontmoeting had ik dat vooral verlangen naar tederheid met hem, innig samenzijn. Maar naar bed?
Het klinkt zo traditioneel, zo saai, zo onopwindend.
Nu, bijna 2 jaar na Vroems overlijden kan ik nog altijd niet geven en kan ik iemand niet nabij voelen, hoe moet deze man dat dan hebben? Als we naast elkaar liggen als twee lege, niet gevers met een gewonde ziel…
“Nou, naar bed niet zozeer, maar genegenheid is wel fijn.” Ik denk me hiermee goed te hebben ingedekt.
Hij vindt dat ik dat mooi zeg. Maar onderneemt niets. En we praten over van alles en nog wat door. Af en toe leg ik mijn hand op zijn arm, in de hoop dat hij er op reageert. Maar pas na de zoveelste keer pakt hij mijn hand, streelt hem zacht. Kijkt in mijn ogen en streelt nog eens. Staat dan op en geleidt me naar de bank.
Daar stort ik me verrukt in zijn armen en nestel me tegen hem aan.
Zijn hart bonst zo hard alsof het naar buiten wil.
Hierdoor corrigeer ik mezelf. Niet zo gretig!
En zo zitten we daar, hij met een zwaar bonzend hart en ik de boel onder controle houdend.

Hij begint me te strelen in mijn nek, mijn rug, mijn flanken.
“Wat ben je lief”, zeg hij, en dat irriteert me, het is te zoet.
‘Vanille’ noemt men het niet voor niets.
Zwijg alsjeblieft.
Niet veel later lig ik op mijn rug op de bank, hij boven me, steunend op zijn armen. Maar ik wil hem tegen me aan voelen, helemaal, platgedrukt onder zijn mooie slanke lichaam.
“Hoe ver mag ik gaan,” fluistert hij.
“Zo ver.”
Hoe ver zo ver is is mij ook nog niet duidelijk. Mezelf kennende is het bij ieder stapje genoeg, tot de volgende ook gezet moet worden.
Maar ineens schiet het weer door mijn hoofd, hij is pas een half jaar weduwnaar. Ik ben de eerste vrouw die hij weer voelt. Pas op, wees voorzichtig, breek hem niet.
“Boven de gordel”, verduidelijk ik.
Weer zucht hij dat ik lief ben, lekker ben, hoe fijn het is weer een vrouw te voelen en of hij mijn borsten aan mag raken.
Mijn spraakvermogen heeft me in de steek gelaten zoals altijd als mijn hormonen het winnen.
Ik pak zijn hand en leg hem op de gevraagde plaats.
Hij praat en praat maar hoe geweldig dit is. En hoe hij hier weer mens van wordt en zijn bestaan een kleurtje krijgt.
Ik weet wel wat hij bedoelt. Maar aan de ene kant mis ik nu al het verlangen naar dit, en hoop ik maar dat ik straks geen spijt heb van het vervolg.
En ben ik bang dat hij teveel van me wil, van mijn gevoelens, van mijn lichaam, van mijn tijd. En bang dat hij zichzelf verliest. Meer dan dit heb ik niet te bieden.
Laten we toch zwijgen, niet alles zeggen, we zijn geen soap.
Stoppen wanneer het genoeg is.
En straks weer opstaan en weggaan
en alleen in onze herinnering weten dat er iets gebeurd is.
Ohh, hopelijk genoeg, maar niet teveel.
Niets zeggen.
Ik wil dit alles alleen maar voelen
en ongemerkt over grenzen gaan zodat niemand verantwoordelijk is.
Zacht leg ik mijn vinger op zijn lippen, “Ssst.”

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

13 reacties op Voel jij je nooit eenzaam?

  1. Ja dat verlangen naar intimiteit is lastig als je het moet regisseren. Huidhonger noemen kraamvrouwen het als een baby gekoesterd wil worden. Wat er verder aan dorst in je omgaat, kan van alles zijn. Laat dat idd maar over aan het onbewuste, want de taal helpt ons geen zier hierbij. Het moet je tenslotte overkomen als iets dat de natuur met je doet. Die is immers voor al onze behoeften verantwoordelijk 🙂

    Mooi opgeschreven, meissie

  2. Johan zegt:

    Inderdaad mooi geschreven en herkenbaar.

  3. goodknight zegt:

    …mooi vuurwerk aan ’t begin van het nieuwe jaar…
    …zo worden de spinnenwebben eindelijk opgeruimd…
    …en geniet van wat jullie elkaar nog te bieden hebben…

  4. Appelvrouw zegt:

    @ Artafterallart,
    Huidhonger? dan gaan ze voorbij aan de geestelijke honger.
    ER zijn mensen die niet verder dan je huid komen als ze je aanraken,
    maar er zijn er ook die dieper doordringen bij alleen maar een hand geven.

    Die is mooi: ons laten overkomen wat de natuur doet, omdat die verantwoordelijk is.
    Wel zo makkelijk 🙂

    Dank voor het compliment.

    @ Johan,
    Dankjewel.

    @ Goodknight,
    hm, spinnewebben rag je makkelijk weg 🙂

    @ Simen,
    Dankje.
    Moderatie lijkt wel willekeur, ik heb je niet gefilterd, je mag er zo in.
    Soms komen mijn eigen berichtjes ook in de moderatie. Geen idee waarom.

  5. EJW zegt:

    Daar kan iets moois uit groeien. Je bijdrage is dat zeker

  6. Aad Verbaast zegt:

    Dat heb je weer mooi opgeschreven Appelvrouw. Een heuse feuilleton. Ik verwacht ergens nog wel een vervolg. “Ssssst”.

  7. simonkorving zegt:

    Ssst 2013 in.

  8. svara zegt:

    zo eenvoudig
    zo mooi
    zo echt

  9. Appelvrouw zegt:

    @ EJW,
    Er kan veel, dat moeten we afwachten wat er komt.
    Dankjewel.

    @ Aad,
    Dank.
    Het vervolg … tja, dan moet de schaar er in.

    @ Simon,
    Ja, wel zo rustig.

    @ Svara,
    Het is zeker echt,
    maar toch niet zo eenvoudig 🙂

  10. svara zegt:

    ik bedoel
    de complexiteit van eenvoud op een eenvoudige, waarachtige en mooie manier beschreven.
    niks zo moeilijk om als schrijver de lezer dat ook te laten voelen.
    zonder dat de lezer het gevoel krijgt dat ie hier niets mee van doen heeft.
    je maakt het universeel
    en niks zo moeilijk om de eenvoud van gevoel te volgen
    of juist niet
    nee zo gewoon is eenvoud niet maar toch ook weer wel 🙂
    geniet van al het moois dat je toevalt Appelvrouw

  11. Appelvrouw zegt:

    Svara,
    Nu begrijp ik het/
    ik probeer een beleving neer te zetten van mensen (waar ik zelf een van ben) die elkaar ontmoeten en de eerste keer na het overlijden van hun partner een ander ontmoeten, wat er dan kan gebeuren op lichamelijk en emotioneel vlak

  12. Pingback: Twee verrukkelijke weken | Appelvrouw

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s